:: BESPREKINGEN ::
DVDInfo.be >> Bespreking >> NICKELODEON
NICKELODEON
Bespreking door: Dieter - Geplaatst op: 2005-12-02
FILM
Soms stel je je bij het bekijken van een film niet de vraag hoe het komt dat de acteurs niet goed in hun rol zitten. Hoe het mogelijk is dat een onderontwikkeld scenario toch verfilmd werd. Hoe het kan dat talentvolle mensen ineens hun talent verloren lijken te hebben. Nee, soms heb je gewoon behoefte om je af te vragen hoe financiers in godsnaam kiezen aan welke prent ze geld willen spenderen en of ze daarbij wel hun hersenen gebruiken. Nickelodeon valt in die laatste categorie. Maar liefst negen miljoen dollar werd tegen deze productie aangegooid, een gigantisch bedrag in 1976, en liefst een miljoen meer dan een jaar later aan de eerste Star Wars zou gespendeerd worden. En waarvoor? Om een dromerige liefdesbrief van een ex-filmcriticus te realiseren, die zelfs in de cinefiele jaren zeventig amper een minuscuul marktsegment zou kunnen aanboren. Een geboren financiële flop dus, die ook op artistiek vlak teleurstelt.

De film vertrekt van de waar gebeurde premisse dat in de jaren tien van de vorige eeuw grote Hollywoodstudio’s er alles aan deden om de onafhankelijke filmmakers het draaien onmogelijk te maken. Zonder het zelf te willen, belandt de advocaat Leo Harrigan temidden het strijdgewoel. De onafhankelijke producent H.H. Cobb huurt hem in als scenarist en na een blitzcarrière van een paar dagen schopt de man het zelfs tot regisseur. Met zijn trouwe troep acteurs en crewleden probeert Harrigan een goed evenwicht te vinden tussen commercie en kunst, de drieste spionnen van de grote studio’s te vlug af te zijn, en de vrouw van zijn dromen af te snoepen van zijn liefdesrivaal, die toevallig ook nog eens de hoofdrol speelt in Harrigans films. Maar wanneer een bezoek aan een filmtheater onthult dat H.H. Cobb zijn mooie prenten tot banale doch succesvolle filmpjes verknipt, weet Harrigan niet meer of er nog wel een verschil bestaat tussen de onafhankelijke filmproducties en de Hollywoodmoguls.

Laat er geen twijfel over bestaan: Nickelodeon is niet gemaakt om een publiek te boeien, maar groeide uit de fetisjistische fascinatie van regisseur Peter Bogdanovich met al het filmgerelateerde, en de vroege Hollywoodfilms in het bijzonder. De prent is in de eerste helft dan ook een aaneenschakeling van visuele grappen en slapsticksituaties die refereren naar het werk van Buster Keaton, Harold Lloyd, Charlie Chaplin en zelfs D.W. Griffith (in een grappige theaterscène met een Ku Klux Klan ruiter). Daar is niks mis mee, maar de repetitiviteit van de humor, het trage voortkruipen van de plot en de inherente oubolligheid van het materiaal stellen al snel het geduld van de kijker op de proef. Het tweede deel van de prent volgt een duidelijkere narratieve lijn, maar hangt ook nog te veel af van op zich staande setpieces die het verhaal weinig vooruit helpen.



Dit zorgt ervoor dat sommige acteurs er voor spek en bonen bijzitten. De jonge Tatum O’Neill heeft veruit het meest fascinerende karakter, maar de regisseur speelt haar charme en talent nauwelijks uit. Tatums vader Ryan daarentegen wordt verwacht de prent te dragen met zijn vertolking van Leo Harrigan. Hoewel hij in de slapstickepisodes best zijn mannetjes staat – en soms door o.a. zijn uiterlijk herinneringen oproept aan de geniale Harold Lloyd – is zijn persoonlijkheid te saai om de kijker gedurende twee uur te boeien. De grootste ster in de film, Burt Reynolds, is dan weer ongelooflijk miscast en bewijst voor de zoveelste keer dat humor niet zijn sterkste kant is. In de vrouwelijke hoofdrol koos Bogdanovich voor Jane Hitchcock, een fotomodel waarvoor hij een filmcarrière weggelegd zag. Maar hoewel ze haar looks mee heeft, toont Hitchcock zich geen prima ballerina op acteervlak, in een zielloze vertolking. Gelukkig is er nog Brian Keith, die met enkele leuke interventies de film af en toe wél met energie injecteert. Zijn meest memorabele scène is een korte monoloog die het belang van goede speelfilms uit de doeken doet.

Waar al het geld naartoe is gegaan tijdens het produceren van Nickelodeon is een raadsel. Op technisch vlak is de prent immers een doordeweeks beestje, zonder grootse sets, dure special effects of over the top kostuums. Aan de megalomane cameravereisten van de cineast kan het ook niet gelegen hebben, want Bogdanovich regisseert zoals hij dat altijd doet: zeer sober, efficiënt en onopmerkelijk, met – via irisbewegingen en tekstkaarten – knipogen naar de vroege jaren van de cinema. Als je bijgevolg de som van alle delen van Nickelodeon maakt, kom je uit bij een productie die ver boven zijn stand leeft. Er zijn geen elementen aanwezig die de film de dieperik in torpederen, maar veel lovenswaardige dingen zal je ook niet aantreffen. Op enkele goede slapstickmomenten en een gigantische, onzacht door de strot geramde, liefde voor cinema na, bezit de film dan ook weinig troeven. Enkel aan te raden voor de liefhebber van obscure gigaflops dus.

BEELD EN GELUID
Deze prent geniet niet bepaald een goede reputatie en dus zou je een minderwaardige beeld- en geluidspresentatie kunnen verwachten. Dat is echter niet het geval. OK, subliem kan je de middelmatigheid van het beeld niet noemen, maar een pluspunt is alvast het gebrek aan storende printbeschadigingen, hoewel filmgrain wel aanwezig is. Het minst goede aspect is dan weer de scherpte, die – al dan niet bedoeld – een wazige schijn over de filmframes gooit. Ook het geluid, weergegeven in het originele monospoor, springt er kwalitatief niet uit, maar alles en iedereen is goed verstaanbaar en achtergrondruis is nagenoeg nihil, dus degelijkheid troef.

EXTRA’S
Vooreerst de aangename vaststelling dat RCV ditmaal zowaar moeite heeft gedaan een menuscherm te voorzien voor een van haar budgettitels. Maar helaas kan je daarin weinig meer aanklikken dan een scèneselectie en een Trailer (3 min.), die vooral het slapstickaspect van de film als verkoopsargument hanteert.

CONCLUSIE
Nickelodeon is niet echt een film, maar een liefdesbrief van een wannabe regisseur aan een nostalgische periode uit de Hollywoodgeschiedenis. Episodisch van nature en banaal in de uitwerking is dit een prent die slechts weinig mensen zal kunnen bekoren en uiteindelijk verdrinkt in de goedbedoelde maar overgemanipuleerde cinematografische verwijzingen. Beeld en geluid bezitten een degelijke kwaliteit, maar de enige extra is een trailer.


cover




Studio: RCV

Regie: Peter Bogdanovich
Met: Ryan O’Neill, Tatum O’Neill, Burt Reynolds, Brian Keith, Jane Hitchcock, John Ritter

Film:
5/10

Extra's:
0,5/10

Geluid:
7/10

Beeld:
6,5/10


Regio:
2

Genre:
Komedie

Versie:
Benelux (NL)

Jaar:
1976

Leeftijd:
AL

Speelduur:
117 min.

Type DVD:
SS-DL


Beeldformaat:
1.85:1 anamorfisch PAL

Geluid:
Engels Dolby Digital Mono 1.0,
Duits Dolby Digital Mono 1.0,
Spaans Dolby Digital Mono 1.0,
Italiaans Digital Dolby Mono 1.0

Ondertitels:
o.a. Nederlands
Extra's:
• Trailer

Andere recente releases van deze maatschappij