:: BESPREKINGEN ::
DVDInfo.be >> Bespreking >> BEN HUR
BEN HUR
Bespreking door: William - Geplaatst op: 2011-06-22
TV-SERIE
Van grote klassiekers blijf je als jonge regisseur maar beter af, want de beelden en de voortgang van het verhaal zijn vaak zo diep in ons collectief geheugen verankerd dat elke alternatieve poging om aan het scenario te sleutelen en/of de karakters bij te sturen onherroepelijk wordt afgemeten aan de verdiensten van het origineel. Vandaar dat films als The Third Man (1949) van Carol Reed of Cleopatra (1963) van Joseph L. Mankiewicz nooit een remake kregen die opwoog tegen de grandeur van het origineel. James Cameron ging in 1997 de uitdaging wél aan en te oordelen naar het internationaal commercieel succes was zijn versie van Titanic een schot in de roos. Dat neemt niet weg dat tal van fans van de Negulesco-versie (1953) Camerons verfilming een draak (blijven) vinden. Andere regisseurs hadden minder geluk; Steven Spielberg bijv. kon met zijn versie van War Of The Worlds (2005) maar weinig filmliefhebbers begeesteren, net zoals Neil Labute met The Wicker Man (2006) overigens, een productie die nauwelijks in de buurt komt van het origineel van Robin Hardy uit 1973.


Soms hangt het blijvend succes van één personage af: de hoofdrolspeler. Zo was Cleopatra niet echt een uitstekende film, maar kroop Elizabeth Taylor in de nauwelijks nog te verbeteren rol van de zegevierende Cleopatra tijdens haar intocht in Rome. Voor verschillende generaties is Taylor voor altijd het twintigste-eeuwse prototype van de trotse Egyptische sfinx op het hoogtepunt van haar macht. Om dezelfde reden is ook The Third Man ondenkbaar zonder Joseph Cotton. En zou Citizen Kane (1941) de status van klassieker genieten zonder de charismatische Orson Welles of Ben Hur (1959) van regisseur William Wyler zonder Charlton Heston en Stephen Boyd? Misschien, doch de kans is groot dat ze in het andere geval tot het corpus van vergeten meesterwerken zouden behoren dat nog alleen door cinefielen op waarde wordt geschat.
 
 
Je houdt als recensent dan ook je hart vast als er op een ochtend een dvd in de bus valt met een tv-miniserie die Ben Hur heet. Beelden over de melaatse moeder en zus van Ben Hur schieten je door het hoofd, je ziet een flits van de Romeinse jood en z’n jeugdvriend Massala in een gevecht op leven een dood op de racetrack in Rome, een koude rilling loop over je rug bij de gedachte aan de vlijmscherpe messen waarmee die laatste de spaken in de wielen van z’n rivaal probeert door te snijden, en je begrijpt niet hoe iemand het anno 2011 aandurft om na vijftig jaar dat dierbare meesterwerk te herzien. Nu, dat is precies wat regisseur Steve Shill doet op basis van een scenario van Alan Sharp (Rob Roy, 1995) naar de internationale bestseller Ben Hur: A Tale Of The Christ van de Amerikaanse schrijver en politicus Lew Wallace (1827-1905), de historische roman die eveneens als uitgangspunt diende voor het scenario van Karl Tunberg voor de klassieke Wyler-versie uit 1959 – die op haar beurt een remake was van de Ben Hur-versies uit 1925 (Fred Niblo) en 1907 (Sidney Olcott).
 
 
Het verhaal is ondertussen bekend: de jonge Ben Hur, telg uit een rijke Joodse familie in Jeruzalem wordt opgevoed met z’n leeftijdsgenoot Massala, zoon van een vooraanstaand Romein die het kind na de plotse dood van z’n moeder toevertrouwt aan de zorg van de familie Hur. Op z’n twaalfde wordt de jonge Romein door z’n vader naar de hoofdstad van het rijk gesommeerd en gaan de beide jongens hun eigen weg, maar niet dan na de wederzijdse belofte om ooit hun beruchte boerenkarrenraces onder andere omstandigheden over te doen. Acht jaar later keert Massala naar Jeruzalem terug om er het commando over de Romeinse troepen over te nemen ten nadele van een rivaal wiens beschermheer in Rome het onderspit heeft moeten delven tegen zijn machtige vader. De onervaren Massala heeft het evenwel moeilijk om de opstandige Joden onder controle te houden en de nodige maatregelen worden getroffen om het bezoek van de Romeinse gouverneur ter gelegenheid van het Joodse paasfeest vlekkeloos te laten verlopen. Daartoe roept hij ook de hulp in van zijn jeugdvriend Ben Hur die op de hoogte is van de duistere plannen van een groepje relschoppers, maar die wijselijk z’n mond houdt. En laat nu uitgerekend Ben Hur de onvrijwillige aanstichter zijn van de rellen die tijdens de intocht van de Romeinse gouverneur losbreken, waarbij 1 soldaat wordt vermoord. Om z’n eigen huid te redden laat Massala z’n oude makker oppakken en z’n familie opsluiten. De gouverneur eist dat Ben Hur wordt gekruisigd en z’n moeder en zus worden gewurgd, maar na diens vertrek stuurt Massala hem naar de galleien, wat volgens een bewaker veel erger is dan kruisiging. Ben Hur overleeft de dwangarbeid en wordt uiteindelijk geadopteerd door een Romein wiens leven hij heeft gered tijdens een schipbreuk. Als rijke erfgenaam en met het bewijs van Romeins burgerschap op zak keert hij terug naar Jeruzalem om de dood van zijn moeder en zusje te wreken. Het wordt een gevecht op leven en dood in de arena van Jeruzalem.
 
 
Wie bekend is met de William Wyler-versie van Ben Hur merkt meteen het grote verschil: de fatale confrontatie tussen Ben Hur en Massala speelt zich in deze tv-miniserie niet af in het gigantische stadion van het machtige Rome, maar in de provinciestad Jeruzalem, een buitengebied dat in de Romeinse hoofdstad als primitief, achterlijk en gevaarlijk werd afgeschilderd, met een bevolking die nauwelijks in toom te houden is. Die keuze van de regisseur verandert meteen de hele toon en sfeer van de film, want voor een opstelling in Jeruzalem zijn uiteraard geen 50.000 extra’s nodig, noch het adembenemend decor van Rome tijdens de hoogdagen van het Romeinse rijk. Steve Shill kiest met andere woorden voor een veel minder bombastische of overdonderende aanpak dan William Wyler destijds en wellicht heeft dat er voor gezorgd dat tv-kijkend Amerika (en in nog ruimere mate de niet-Amerikaanse kijker die z’n stem op IMDB uitgebracht heeft) de miniserie een veel lagere quotering toekent dan de film die sinds 1959 als dé enige acceptabele versie bekend staat. En toch, ondanks het feit dat de tweedelige miniserie een stuk korter is dan de film met Heston en Boyd, vertelt regisseur Steve Shell in grote trekken hetzelfde verhaal, zij het dat hij de verhaallijn over Jezus Christus fors inkort (geen Jozef en Maria die zich laten registreren, geen aanbidding door de drie wijzen, geen kindermoord in Bethlehem, geen verhoor bij Pilatus, geen martelscènes, etc.) en op die manier de verhaalstof toegankelijk maakt voor niet-christenen en bij uitbreiding voor een hedendaags publiek, want zeg nu zelf, op vijftig jaar is de westerse samenleving grondig geëvolueerd en de waarden van 1959 zijn niet meer die van het begin van de 21ste eeuw. Bijkomend effect is een tempo dat een stuk hoger ligt en dat dus veel meer aansluit bij de kijkgewoonten van een hedendaags publiek. Te dien einde is er flink gesnoeid in de indrukwekkende formaties van marcherende en paraderende Romeinse soldaten en is de dramatische vertelling over de berechting en kruising van de Jezus-figuur vervangen door scènes die op een andere manier emotie en betrokkenheid opwekken, nl. door meer ruimte te laten voor het gevoelsleven van de hoofdpersonages en bijv. ook voor de fijnzinnige relatie van Ben Hur en z’n Romeinse stiefvader, verhaallijnen die allemaal uitvoerig aan bod komen in het boek van Wallace, maar die William Wyler destijds links liet liggen ten voordele van de christelijke boodschap.
 
 
In de extra’s vertelt regisseur Steve Shell dat het hem in de miniserie vooral om een realiteitsgetrouwe weergave te doen is en dat is qua production design misschien wel het grootste verschil met de Ben Hur-film uit 1959: de Romeinen zien er minder indrukwekkend uit, hun kleding is veel alledaagser en minder feestelijk, de Joden lopen er veel minder rijkelijk gekleed bij (zoals we dat van mensen uit de provincie verwachten) en vooral het indrukwekkende paleis van de familie Hur is in de miniserie teruggebracht tot een robuust herenhuis met een binnenplaats waarop zich de rituelen van een goed draaiend boerenbedrijf afspelen. Allemaal een stuk realistischer, ongetwijfeld, maar uiteraard ook een stuk minder imponerend en overdonderend, waardoor deze versie van Ben Hur qua production design veel meer aansluit bij de HBO-tv-serie Rome (2005-2007) dan bij de grote spektakelfilms uit de late jaren vijftig en de vroege jaren zestig. Niet toevallig kan je in de IMDB-cijfers lezen dat de miniserie veel hoger wordt gequoteerd door de gemiddelde kijker tot 30 jaar (7,6) dan door die uit de oudere leeftijdsgroep (5,3) die wellicht veel meer bij de grootschalige Ben Hur-film van William Wyler zweert.
 
 
Finaal is overigens de eindscène – de renwagenrace tussen Ben Hur en Massala – helemaal anders geconcipieerd dan bij Wyler. Het racecircuit in Jeruzalem (Shell) verhoudt zich tot het Romeinse stadion (Wyler) zoals een zanderig en hobbelig motorcrosscircuit tot het chique Formule 1-circuit in Le Mans (Fr.) of de impressieve Indianapolis Motor Speedway (U.S.A.). Steve Shell moet dus een andere manier bedenken om indruk te maken en dat doet hij door op de racebaan in Jeruzalem palmbomen neer te zetten waardoor de racebaan doormidden gesneden wordt, en door z’n camera’s zó op te stellen dat de kijker het spektakel op het ruige en oneffen terrein van heel dichtbij kan volgen, waarbij een aantal halsbrekende stunts en geraffineerde CGI-kunstgrepen voor het nodige effect zorgen. William Wylers aanpak was visueel misschien indrukwekkender, Shells benadering is op z’n minst even spannend en avontuurlijk.
 
 
BEELD EN GELUID
Steve Shell grossiert in prachtige kleuren die het tijdperk op een bijzonder mooie manier tot leven brengen, met een voorkeur voor houtkleuren en tinten van grijs en blauw tegen een achtergrond van groen en geel, vaak pastelachtig van toon. Het materiaal is scherp en bevat geen ongerechtigheden. De vaak handgevoerde camera tijdens de racescènes in het begin en op het einde van de productie betrekken de kijker heel dicht bij het gebeuren en geven de film vaart en avontuurlijke spanning. Het geluid is vooral heel opvallend aanwezig in de heftigere scènes met als crescendo uiteraard de finale tussen de zanderige molshopen in de arena van Jeruzalem. Op andere momenten dobbert de geluidstrack rustig voort met toepasselijke muziek in de stijl van Gladiator en Rome: veel slaginstrumenten, koper en ijle vrouwenstemmen.
 
EXTRA’S
In de nauwelijks zeven minuten durende The Making of Ben Hur vertelt regisseur Steve Shell over de keuzes die hij heeft gemaakt inzake de locaties, de situering van de verschillende verhaallijnen en de keuze van de acteurs voor de belangrijkste rollen. Tussendoor ziet u nog een paar korte uittreksels uit de miniserie en op het einde een paar setopnamen van een gevecht van man tegen man.
 
 
CONCLUSIE                               
Ben Hur van William Wyler blijft ook na de vertoning van deze tv-miniserie een dijk van een film die niemand ooit heeft overtroffen. Toch is de tweedelige serie van regisseur Steve Shell een niet onaardige hedendaagse adaptatie van een verhaal dat ruim 135 jaar geleden te boek is gesteld en dat tot vandaag op heel veel interesse en bijval kan rekenen. De miniserie doet het met minder bekende tot onbekende acteurs en zonder groots opgezet production design, maar kiest voor kleinschaligheid, intense intimiteit en een groot historisch realisme wat betreft decor en aankleding betreft. Wij hebben in elk geval genoten.



cover




Studio: Sony Pictures HE

Regie: Steve Shill
Met: Joseph Morgan, Stephen Campbell Moore, Emily VanCamp, Kristin Kreuk, Ray Winstone, Ben Cross, Simón Andreu, Hugh Bonneville, Alex Kingston, James Faulkner, Art Malik, Marc Warren, Lucía Jiménez, Kris Holden-Ried, Julian Casey

Film:
8/10

Extra's:
2/10

Geluid:
8/10

Beeld:
8/10


Regio:
2

Genre:
Drama

Versie:
Benelux (NL)

Jaar:
2010

Leeftijd:
12

Speelduur:
184 min.

Type DVD:
SS-DL

Barcode:
89712609666779


Beeldformaat:
1.78:1 PAL

Geluid:
Engels Dolby Digital 5.1
Frans Dolby Digital 5.1
Spaans Dolby Digital 5.1


Ondertitels:
Nederlands, Engels, Frans
Extra's:
• The Making of Ben Hur

Andere recente releases van deze maatschappij